Cheb. Wordt vervolgd.

Meneer heeft zijn kansen gehad
Elke dag dat u vastzit
kunt u niets stelen
En dat is winst

 

Schermafbeelding 2016-02-11 om 23.17.02Ik schreef vaker over Cheb (38).
Dat komt omdat hij een vaste klant is van zittingszaal 14.
Cheb wordt al jaren vervolgd en zo ook de verhalen over hem.

De laatste keer dat hij werd vervolgd kreeg hij anderhalf jaar celstraf, maar daarvan mocht een jaar voorwaardelijk.
Dat was zo ongeveer de tiende allerlaatste kans die hij kreeg in zijn carrière die zich uitstrekt over 25 jaren.

Nooit maakte hij promotie, maar hij ontwikkelde wel een specialisme.
Hij wandelt kantoorgebouwen binnen, groet iedereen vriendelijk, houdt deuren open die normaal voor anderen gesloten moeten blijven, kijkt hier en daar wat rond en gaat dan weer weg.
De op bureaus rondslingerende laptops, mobiele telefoons en portemonnees neemt hij mee.
Zo kan Cheb de gretige dealers betalen.

Waar hij ook goed in is: studentenpanden.
Met een stukje hard plastic flippert hij zo de doorgaans slecht onderhouden voordeuren open.
Ook in studentenpanden slingeren laptops en aanverwanten nogal eens vrolijk rond.

Het is verleidelijk en ook wel gemakkelijk om over Cheb een leuk verhaaltje te schrijven. Want Cheb is nu eenmaal een heel aardige crimineel.
Nooit zal hij een vlieg fysiek kwaad doen.
Als de rechters hem vragen of hij nog weet wat hij nu weer heeft uitgevroten, schudt hij langzaam het hoofd en zegt dan, bedachtzaam: ‘Wat ik mij specifiek kan herinneren is dat ik geen geweld heb gebruikt.’

De vorige keer was hij de synagoge in de Folkingestraat in Groningen binnengewandeld.
Er was daar een tentoonstelling waar entree werd geheven.
Cheb had ‘entree’ onmiddellijk geassocieerd met contant geld.
Eenmaal binnen had hij het geldkistje zo te pakken.

Cheb wordt zelf ook altijd gepakt.
In de rechtszaal had hij zijn hoofd gebogen en gesproken: ‘Ik vind het vreselijk dat ik zo laag ben gezonken, zo laag om in te breken in de synagoge, ook gezien de historie en het feit dat ik Marokkaans ben.’

Cheb deed de rechters toen een voorstel.
Hij had gezien dat de synagoge wel een likje verf kon gebruiken, zowel van binnen als van buiten.
Als hij dat nou eens zou doen, dan deed hij a, iets terug voor de samenleving en b, het zou hem een verblijf in de gevangenis kunnen besparen.
Cheb vertelde ook dat hij had besloten sowieso te stoppen met de criminaliteit.
De reden: Anna.
Smoorverliefd.
Dat was eind 2013.

Veel regelmatige klanten van zittingszaal 14 wijten hun criminele inborst aan foute vrienden.
Een goede remedie tegen dit karakter: verhuizen, zo ver als mogelijk bij het vriendengespuis vandaan.
Ook Cheb had dat gedaan.
Na een kwart eeuw wandelen door Groningen, had hij besloten een nieuw leven op te bouwen in Leeuwarden.
Helaas niet met Anna, met Anna was het uit.

In oktober vorig jaar liep Cheb in zijn nieuwe woonplaats langs het Centrum Infectieziekten Friesland (Izore).
Uitgerekend toen hij het gebouw passeerde, ging het alarm af.
Hij werd aangehouden en meegenomen naar het politiebureau waar hij had gezwegen.
Waarom?
Cheb: ‘Het was zo overweldigend. Ik voelde zoveel frustratie en teleurstelling. Dat het weer mis was gegaan. En ik was onder invloed. Zo erg dat die agenten het raampje van de politieauto opendraaien, zo stonk ik.’
Is hij ook in het pand geweest?
Cheb: ‘Het is vaag, maar het kan zijn dat ik een paar spulletjes heb meegenomen.’

En zo ging het bij scholen, in het woonzorgcentrum Abbingahiem.
Over de insluiping bij een tandartsenpraktijk heeft hij zijn twijfels.
‘Volgens mij zocht ik daar gewoon medische hulp.’
Veel spijt heeft hij van de diefstal van negen dure laptops, gestolen uit een rolcontainer bij Wetsus.
Tegen de rechters: ‘Ik heb gelezen dat er wetenschappelijk onderzoek verloren is gegaan. Dat is echt schandalig van mij, ik heb hier geen woorden voor.’
Wat er met de computers is gebeurd?
Ingeleverd bij zijn inhalige dealers, als aflossing van een eeuwig durende schuld.
Cheb: ‘Voordat ik het in de gaten had, zat ik alweer in de vicieuze cirkel.’

Komt het ooit nog goed?
Cheb veert een klein beetje op.
En of.
Hij is smoorverliefd.
Op Marijke.
Met haar zal hij gelukkig kunnen zijn.
Marijke moeten de rechters weten, is een hoogopgeleide vrouw die niet eens weet wat drugs zijn.
Zij komt niet uit het wereldje.
Marijke zoekt Cheb op in de gevangenis en samen volgen ze systeemtherapie wat volgens Cheb nu al vruchten afwerpt.

Cheb: ‘Ik heb de vrouw van mijn leven ontmoet. Zij heeft de waarden die altijd al in mij zaten naar boven gehaald. Al die jaren hunkerde ik daar naar. Het leven dat ik heb geleefd, haat ik. Mijn verleden stond in het teken van ontkennen. Maar ik heb nu het punt bereikt, dat ik helemaal klaar ben.’

De officier van justitie plengt geen tranen van ontroering en ook niet van grote vreugde nu een van de hardnekkigste justitieklanten op het punt staat een brave burger te worden. Hadden de rechters net niet opgemerkt dat bij Cheb sprake is van een hardnekkig terugvalpatroon?
Eén emotionele tegenslag en het gaat weer mis?
Dat staat in de rapporten, geschreven door de mensen die tien jaar geleden al rapporteerden zich geen raad te weten met deze verdachte.

Cheb mag dan een vriendelijke crimineel zijn waar je een verhaal met een glimlach over kunt schrijven, zij die door hem zijn bestolen, zullen daar heel anders over denken.
Zij zullen vinden dat Cheb niet om te lachen is en geef hen eens ongelijk.

Dat vindt ook de officier van justitie.
Zij zegt: ‘Meneer heeft zijn kansen gehad. Elke dag dat u vastzit, kunt u niets stelen. En dat is winst. Ik eis vijftien maanden celstraf plus die twaalf maanden die u in 2013 voorwaardelijk opgelegd heeft gekregen.’

Cheb kijkt bedenkelijk.
Kan hij niet iets terugdoen voor de samenleving?
Hij zou bijvoorbeeld de maximaal op te leggen werkstraf kunnen uitvoeren en dat dan tweemaal.
Hij zegt bang te zijn Marijke te verliezen als hij te lang in de gevangenis moet zitten.

Er valt even een stilte in de zittingszaal.
Cheb pakt de kans die hij niet krijgt van de officier van justitie.
Hij zegt dat hij als Marokkaan geen tweederangsburger wil zijn.
En dat hij graag met alle respect koning Willem-Alexander wil citeren: ‘Niet iedereen kan een Epke Zonderland zijn…’

Wordt vervolgd.

Rob Zijlstra

uitspraak op 22 februari

cheb de flipper

 

‘ Eenheid zonder verscheidenheid is verstikkend. Verscheidenheid zonder eenheid is los zand. Nederland is meer dan zeventien miljoen selfies. We hebben elkaar nodig, sterker dan we vaak zelf beseffen. Ieders gaven en vaardigheden zijn waardevol en belangrijk.

Niet iedereen kan een Epke Zonderland of Gijs Tuinman zijn. Niet iedereen kan uitblinken als leraar, dokter, wetenschapper of hulpverlener. Maar de kracht van Nederland omvat veel meer dan individuele talenten. De kracht zit in wat we er samen van maken (…)

fragment kersttoespraak 2014 van Willem-Alexander waaruit Cheb citeert  

Foute vrienden

Schermafbeelding 2016-02-11 om 23.25.02zaterdag online en in de krant van papier

Foetsie

Een merkwaardige gang van zaken.

Cafer G. is foetsie.
Cafer G. is de man die op 11 april 2010 de toen 45-jarige schaker Michael de Vrieze zou hebben vermoord.
Er was geen keihard bewijs, maar wel heel veel kleine aanwijzingen die samen onomstotelijk waren.
Dat vindt het Openbaar Ministerie.
En dat vindt ook de rechtbank in Groningen.

Cafer G. hoorde 10 jaar celstraf eisen, maar kreeg er 12.
Dat was in januari 2013.
Er volgde hoger beroep en een nader onderzoek door het NFI met een verrassende conclusie: Cafer G. zou wel eens onschuldig kunnen zijn.
Er kwam een verzoekschrift van zijn advocaat waarna het gerechtshof per direct besloot de voorlopige hechtenis van G. op te heffen.
Hij mocht het strafproces in hoger beroep als vrij man afwachten.

Alleen mocht hij dat niet in Nederland.
Wat wil het geval?
Na de veroordeling in Groningen is G. tot een ongewenste vreemdeling verklaard.
Hij is weliswaar in Nederland geboren, maar hij heeft de Turkse nationaliteit.

En zo kreeg het recht z’n beloop.
Na het besluit van het hof moest G. nog een paar dagen blijven zitten in verband met onbetaalde boetes.
Daarna is hij naar het vliegveld gebracht en overgedragen aan de Turkse autoriteiten.

Het proces in hoger beroep zou in de tweede helft van 2015 dienen.
Maar de boel ligt nu stil.
Niemand weet waar G. uithangt.
Mocht hij opduiken in Turkije, dan is er trouwens voor G. nog niet zo heel veel aan de hand.
Turkije levert geen onderdanen uit.
En helemaal geen onderdanen die wij zelf hebben gebracht.

En de zaak van Michael de Vrieze was al zo curieus.

Ik heb de kwestie maandag voorgelegd aan het Openbaar Ministerie.
Ik hoop vandaag – dinsdag woensdag donderdag – op een reactie.

Rob Zijlstra

update – 11 februari 2016 – reactie
Het Openbaar Ministerie laat desgevraagd weten op zoek te zijn naar Cafer G. Er zijn aanwijzingen dat hij in een gevangenis verblijft in de buurt van Istanbul. Er  is hierover contact met de Turkse autoriteiten. Zodra er meer duidelijkheid is, wordt een regiezitting gepland. Dan wordt bekeken hoe de zaak moet worden voortgezet.  Onderzocht wordt ook of het mogelijk is dat Cafer G. het proces kan bijwonen.

Schermafbeelding 2016-02-10 om 10.08.55

dagblad van het noorden, dinsdag 10 februari – klik voor leesbare versie

 

 

 

 

 

 

meer over deze zaak: raadsel zonder lijk

De beste kok

‘Ze proberen me te fucken.
Ik ben geen snitch, ik heb niks
tegen die agent gezegd, hij
zit gewoon dom te lullen.’

 

Schermafbeelding 2016-02-05 om 00.01.54De zoekterm ‘liegen’ levert op het internet van Google een zee aan wetenswaardigheden en intrigerende verhalen op.
Liegen is gezond en liegen is leuk, zonder leugens komt het grote raderwerk dat de samenleving in beweging houdt abrupt tot stilstand.
Het is ook daarom dat de mens slecht is in het herkennen van leugens.

Het is zelfs zo dat ‘professionele leugenontmaskeraars’ – als politiemensen en rechters – in testen niet beter scoren in het vaststellen van leugens dan ‘gewone’ mensen.

De goedopgeleide Gert (47) uit Drenthe wordt verdacht van ontucht met twee dochters van zijn nieuwe partner die hij via een datingsite had leren kennen.
Omdat hij als gevolg van een stukgelopen relatie dakloos was geworden, trok hij al snel bij haar in.
Het leek zo leuk, ook zij leek leuk, maar het werd al snel een hel in Leek, zei Gert.
De nieuwe liefde bleek een zuipschuit met een kwade dronk.
Toen hij twee jaar na binnenkomst de benen nam, deden de dochters aangifte van seksueel misbruik.

De politie deed onderzoek en de kwestie belandde bij het Openbaar Ministerie.
Door het systeem kwam het strafdossier op een plank terecht waar het een paar jaar bleef liggen.
Gert ontkent het misbruik.
Hij zegt op de eerste donderdag van februari 2016 dat hij de kinderen in 2007 en 2008 niets heeft aangedaan.

Liegt hij?
Of liegen de inmiddels volwassen kinderen?
De officier van justitie weet het niet en vraagt – want dat is dan de consequentie – de rechtbank om Gert vrij te spreken.
Ze voegt er nog wel aan toe: ‘Daarmee wil ik niet beweren dat de kinderen liegen.’

De advocaat van Gert heeft de moeder van de kinderen wel op flinke onwaarheden betrapt.
Om de politie een idee te geven hoe een smeerlap die Gert wel niet was, had ze verhalen die hij had geschreven aan de politie gegeven.
Fantasierijke seksverhalen.
De advocaat was samen met Google gaan zoeken en ontdekte dat de verhalen afkomstig waren van allerhande sekssites.
De nieuwe liefde had honderden pagina’s digitaal geknipt en geplakt en toen uitgeprint.
Die moeder is zelf een gemeen liegbeest, zei (in vrije vertaling) de advocaat.

Dat was ’s middags.
In de ochtend hadden de rechters Duman (51) het vuur na aan de schenen gelegd.
Duman zou iemand een vuurwapen op het hoofd hebben gezet.
Die iemand deed aangifte waarop de politie Dumans woning doorzocht.
Het wapen werd niet gevonden.
Agenten vonden wel iets anders: in de stofzuiger vonden ze 34.000 euro aan contanten.

De rechters willen weten of Duman dat kan uitleggen.
Hij vertelt dat hij 30.000 euro had geleend van zijn vader.
De rest is spaargeld.
Duman werkt in een shoarmazaak in Groningen waar hij niet veel verdient, maar waar hij wel royale fooien krijgt, genoeg om te kunnen sparen.
De rechters moeten weten dat Dumas kok is, niet zomaar een kok, maar een heel goede.
Daarom wil hij een eigen eethuisje beginnen.
Vandaar die lening.

Op de toon van ‘en dat moeten wij geloven’ blijven de rechters maar vragen stellen.
Los van legale inkomsten, is in vier jaar tijd opgeteld 55.000 euro op Dumans bankrekening gestort.
Wat is dat dan?
Duman zegt dat mensen soms geld van hem lenen.
Krijgt hij zijn geld terug, dan stort hij het weer op de rekening.

Tijdens de huiszoeking vinden agenten een boksbeugel, een verboden wapen.
Wat hij daarmee moest?
Duman: ‘Daarmee trek ik auto’s achteruit.’
Rechters: ‘Uh?’
De rechters merken vervolgens op dat in zijn schuurtje spullen zijn aangetroffen die je ook wel tegenkomt in hennepkwekerijen.
Duman: ‘Ik verhuurde mijn schuurtje.’
Rechters: ‘Jaa-ja.’

De man die hij zou hebben bedreigd, vertelde aan de politie dat hij niet langer hennep wilde telen, dat hij daarom werd bedreigd.
De rechters lezen in het dossier dat Duman een paar keer is veroordeeld in verband met drugs, dat hij zelfs al eens in Duitsland heeft vastgezeten.

De officier van justitie concludeert dat alles aanwezig is om gerechtvaardigd te kunnen denken dat Duman zich bezighoudt met witwassen van crimineel geld.
De eis: drie maanden gevangenisstraf.

Houding en lichaamstaal kunnen de liegende mens verraden.
Scar (21) en Face (22) zijn twee jonge ganstermannen die worden verdacht een ov’tje te hebben gezet, in dit geval de overval (ov) op cafetaria Plaza in Groningen.

Scar zit slungelig en onderuitgezakt in de verdachtenbank, dan weer ligt zijn hoofd op het tafelblad, alsof hij slaapt.
Face heeft een wat actievere zit, maar hij is dan ook een battle-rapper.
In hun gezichten sieren kleine tatoeages.
Met messen zouden ze de eigenaar en een medewerkster hebben bedreigd.
De overvallers gingen er vandoor met de kassalade en 640 euro.

Het gebeurde in oktober 2014, in april vorig jaar werden ze opgepakt.
Scar en Face zeggen dat ze met deze overval niets te maken hebben.
Ze liegen niet.
Ze zwijgen.
Waarom?
Omdat dat mag.
Face wil naar huis, want hij gaat niet zitten voor iets wat hij niet heeft gedaan.
Scar zit al in de gevangenis wegens een gewapende overval in Delfzijl waar hij drie jaar voor kreeg.

De officier van justitie wil daar nog eens achttien maanden aan toevoegen.
Overweldigend is het bewijs niet.
Maar Scar vindt het best, hij zit zijn tijd wel uit.
Daarna gaat hij weg.
Zegt: ‘Nederland is een zogenaamd vrij land, maar als je wilt werken en je hebt een strafblad, dan maak je geen kans.’
Nederland, zegt Scar, is een land van mooie praatjes.

De rechters: ‘Ze zeggen dat het erg slecht met u gaat.’
Scar haalt de schouders op, gaapt, kijkt weg en zegt: ‘Och, ik adem.’

Face, die al eens een enkelbandje doorknipte, krijgt een strafeis van vier jaar om de oren geslingerd.
‘Tsss.’

In het cellencomplex van de politie werd een undercover-agent op hen afgestuurd.
Nietsvermoedend zouden ze op de luchtplaats tegen de liegboef belastende woorden hebben gesproken waardoor ze nu in de penarie zitten.
Face: ‘Ze proberen me te fucken. Ik ben geen snitch, ik heb niks tegen die agent gezegd, hij zit gewoon dom te lullen.’

Dat liegen van nature een heel menselijke eigenschap is, is in de rechtszaal knap lastig.
Scare en Face doen wel ontzettend stoer, maar zijn misschien wel goudeerlijk, terwijl de hoogopgeleide bleue Gert best de berekende minkukel kan zijn.
Ook met Duman kun je alle kanten op.
Misschien liegt hij wel en is hij helemaal niet zo’n goede kok die hij zegt te zijn.

Rob Zijlstra

uitspraken op 15 en 18 februari

Een leugen over

Schermafbeelding 2016-02-05 om 00.10.39zaterdag in de krant en online

De Plofkip

In het angstaanjagende programma
Opsporing Verzocht worden camerabeelden
getoond van een vaag figuur
die 500 tips opleveren

 

Schermafbeelding 2016-01-28 om 23.39.09De geschiedenis heeft oorlogen en rampen nodig, de topvoetballer regelmatig een weergaloos doelpunt, de journalist een keertje een primeur.
Voor politie en justitie is het niet anders.
Politie en justitie hebben af en toe een zaak van belang nodig, een zaak waar iedereen over praat en die nog lang heugt.

Jaren geleden diende zich zo een zaak aan.
In Noord-Groningen, in ’t Zandt en omgeving, brandden leegstaande schuurtjes af.
Al snel was duidelijk dat er geen sprake was van spontane zelfontbrandingen, maar dat er een brandstichter actief was, ja misschien zelfs wel een pyromaan.
De branden zetten de pers in vuur en vlam, van overal kwamen verslaggevers he-le-maal naar Groningen om verslag te doen.
Er zijn zelfs journalisten in ’t Zandt gaan bivakkeren om niks te missen.

Het werd een kat-en-muisspel en een lang verhaal.
Vlak voor kerst overmeesterde een arrestatieteam in de draaideur van het UMCG in Groningen een 18-jarige jongen op ziekenbezoek.
Met een zak over het hoofd werd hij in een snelle auto met loeiende sirene afgevoerd naar het politiebureau in Delfzijl.
Er kwam een persconferentie waar politie en justitie glunderend van trots vertelden: we got him.

’t Was Johnny B.
In zittingszaal 14 verliep het later ietwat anders (de rechters achten bijna niets bewezen), maar dat is een nog langer verhaal.

Het leven ging daarna zijn sukkelgang.
Tot mei vorig jaar.
Dan vindt een wandelaar bij de Jumbo aan de Wilhelminakade in Groningen een wit emmertje met daarin een kookwekker van de Blokker die met draadjes aan iets is verbonden wat doet denken aan een bom.
Drie weken later ontploft er iets tegen de gevel van de Jumbo aan het Overwinningsplein in Groningen.
Er is ook wat schade.

In het angstaanjagende programma Opsporing Verzocht worden camerabeelden getoond van een vaag figuur die 500 tips opleveren.
Het Jumbo-hoofdkantoor krijgt een brief met de eis: er moeten bitcoins komen, veel, anders gebeurt er echt wat.
De afpersing is een feit.
Er volgt nog een bommelding bij de Jumbo in de Euroborg.
Na uren zoeken wordt niets gevonden.
Bij een Jumbo in Zwolle wordt een verjaardagskaart bezorgd met een verdacht poedertje.

De hoofdofficier van justitie looft een beloning van 10.000 euro uit.
Dan wordt in oktober in de binnenstad van Groningen een man aangehouden.
Er volgt een persconferentie die de politie met trots en live uitzendt via Periscope.
We got him.

’t Is Alex O.
Afgelopen week verscheen deze kleine man – roze trui, witte sokken – voor het eerst in de rechtszaal, vrolijk lachend en zwaaiend naar en kushandjes uitdelend aan zijn publiek op de tribune.
Wij van de pers, toegestroomd vanuit alle hoeken, twitterden O.’s opkomst collectief de wereld in.

Ik wil deze zaken van belang niet bagatelliseren.
De meeste brandjes destijds in ’t Zandt stelden niet veel voor, maar er ontstond wel onrust en grote bezorgdheid.
Wat er tot nu toe bij de Jumbo’s is voorgevallen, is ook niet fijn.
Winkeldieven richten vast meer schade aan, maar dat neemt niet weg dat bommen lelijke, gemene en ongewenste dingen zijn.

In Groningen gebeuren wel ergere dingen waar politie en justitie minder hard mee aan de weg timmeren.
Waarom dat zo is, weet ik niet.
Wij van de pers zijn hierin ook een beetje raar.

Terwijl verslaggevers en cameraploegen wachten voor de ingang van zittingszaal 14 voor de pro forma-zitting met Alex O., wordt binnen uitspraak gedaan in een grote zedenzaak waarin twintig jonge vrouwen zijn aangerand.
Dat is doorgaans wel een onderwerp waar de pers over bericht.
Daarna wordt een tbs’er die in de Van Mesdagkliniek een mede-tbs’er dronken van drank en drugs wilde vermoorden veroordeeld tot tbs.
Er is vrijwel geen belangstelling.

Wij willen Alex O., die we niet de plofkip, maar liefkozend de Jumbo-bomber noemen.
De zitting verloopt voorspelbaar.
Er zijn een paar mededelingen en de advocaat vindt (‘het ijs is te dun’) dat Alex O. het komende strafproces in vrijheid moet kunnen afwachten.
De officier van justitie vindt van niet.
De rechters gaan daar dan over nadenken om vervolgens te vertellen dat is besloten dat Alex O. in voorlopige hechtenis blijft.
Tot slot mag de verdachte wat zeggen.
Hij zegt dat hij onschuldig is en dat hij al drie maanden ten onrechte in de gevangenis zit.
Dan is het klaar.

Dit alles speelt zich af in een half uur en in een vriendelijke sfeer.
Alex zegt ‘tot de volgende keer’ tegen de rechters, de rechters zeggen ‘bedankt voor uw komst’.
Als kort daarna een strafzaak begint waarin het Openbaar Ministerie welgeteld 1.132.272 euro eist van vier Groninger henneptelers, is de pers zo goed als uit zicht.
Zo gaat dat.

Wat Alex O. – indien schuldig – te wachten staat?

De Jumbo in Groningen is vaker afgeperst.
In 2004 dreigde een medewerkster voedsel in de schappen te vergiftigen en dat wereldkundig te maken.
De eis was dat de leidinggevende van de vleeswaren moest worden ontslagen.
De afperser, dan medewerkster afdeling brood, had die baan als leidinggevende op vlees willen hebben, maar ze werd gepasseerd.
Na intensief onderzoek werd de vrouw, zwanger en moeder van drie kleine kinderen, gearresteerd.

De officier van justitie zette zwaar in.
Hij noemde de huilende verdachte addergebroed en eiste voor dit uitvaagsel twee jaar celstraf.
De rechtbank legde twee weken later, in augustus 2005, een werkstraf op van 240 uur.
Wel moest Trudy een schadevergoeding betalen aan de Jumbo van 30.000 euro.
Dat mocht gelukkig in termijnen.

Alex O. moet nog even geduld hebben.
Hij is naar verwachting in mei aan de beurt.

Ondertussen gaat het redelijk tot goed met Johnny B.
Want wat een toeval.
Kort voordat de landelijke pers arriveert voor de Jumbo-zaak zit daar Johnny in de hal te wachten.
Hij moet terechtstaan wegens een verbale bedreiging van een persoon die hem, hollend door een weiland, met mes achter de broek aan zat.
Heel verhaal.
‘Ja, ’t gaat best goed, druk bezig met een eigen bedrijf.’

Niet lang nadat hij het gerechtsgebouw met drie weken voorwaardelijk verlaat, komt de advocaat binnen die Alex O. bijstaat.
Laat dat nou de advocaat zijn die destijds Johnny ook bijstond.
De persofficier van justitie is er.
Exact dezelfde.
Weer even later meldt zich in vol ornaat de politieman die destijds sluw het onderzoek leidde naar de branden in ’t Zandt.
Nu leidt hij het Jumbo-onderzoek.

Alsof de duivel aan het werk is.
Nog even en wij van de pers melden dat Alex O. eigenlijk Johnny B. is.

Rob Zijlstra

er komt een vervolg

het rechtbankverslag over Trudy, de eerdere Jumbo-afperser [juli 2005] link

De knevel en de afscheidsbrief

in een tijd dat het tamelijk naïef is
de overheid zomaar te geloven
moeten wij het maar geloven

 

Schermafbeelding 2016-01-30 om 02.09.03Dit is een beklagenswaardig verhaal, althans – zo ga ik het schrijven.
Ik weet niet zo goed of de trieste invalshoek die ik kies, wel de meest relevante is.
Misschien moet het alsnog een staartje krijgen.
Eerst maar eens de feiten.

Wim is een man van nu 34 jaar die in Groningen woont.
Op de dagen van dit verhaal – 22 en 23 november 2014 – gaat het niet zo goed met hem.
Het ging vast  al langer niet goed.
Want Wim is klaar, hij wil niet meer.
In de nacht van 22 op 23 november bericht hij via WhatsApp aan zijn familie dat hij een einde aan zijn leven gaat maken.
De familie belt geschrokken de politie die met spoed naar de woning van Wim gaat.

Wanneer de (drie) agenten zijn woning willen betreden, worden ze bedreigd door Wim.
Hij zwaait met een fileermes en een kapotgeslagen fles, hij heeft iets wat verdomd veel op een wapen lijkt (een nepper, blijkt later).

De agenten zeggen dat hij dat niet moet doen, dat hij zijn wapens moet neerleggen.
Dat herhalen ze een paar keer (volgens protocol).
Maar Wim luistert niet of wil niet horen.
Hij wil dood.
Na anderhalf uur volgt politioneel overleg en wordt besloten (door wie?) het arrestatieteam op te trommelen, in de volksmond ook wel het aanhoudings- en ondersteuningsteam.
Dat weet wel raad.
Het team dendert naar binnen en Wim wordt van korte afstand in het bovenbeen geschoten.

Uitgeschakeld.

De drie agenten doen een dag later aangifte van bedreiging.
De officier van justitie denkt dat daar voldoende bewijs voor is.
Wim heeft het ook bekend.
De officier van justitie vindt dat Wim zich schuldig heeft gemaakt aan ‘bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd’.
Er zijn geen redenen  geen straf op te leggen.
De eis: drie maanden voorwaardelijke celstraf met een proeftijd van een jaar.

Twee van de drie agenten zeggen als gevolg van de bedreiging schade te hebben geleden en willen elk 400 euro van Wim hebben.
Geld maakt alles goed.
Dat vindt de officier van justitie ook.

→ wil je eindelijk zelfmoord plegen, krijg je dit…

De advocaat is het er niet mee eens.
Het schot in het bovenbeen was niet mis, in die zin dat er in een jaar tijd dertien operaties moesten worden uitgevoerd om het been te behouden.
Het ziet er niet goed uit.
De kans is groot dat het been alsnog moet worden geamputeerd.
En dan ga je, zegt de advocaat, toch niet iemand ook nog eens een straf opleggen?

De advocaat had nog wat.
Hij zegt dat het onbegrijpelijk is dat Wim moest worden neergeschoten.
Want waarom eigenlijk?
Agenten waren al anderhalf uur met hem in gesprek.
Waarom toen geen psychiatrische hulp ingeschakeld?
Of iemand met overredingskracht?

Vrijdag kwam de rechtbank met de uitspraak.
Die agenten moeten met hun immateriële schades maar naar de burgerlijke rechter.
We zijn gekke Gerrit niet, vorderingen afgewezen.

Ten aanzien van de geëiste straf stelt de rechtbank dat de verdachte nog een onbekend aantal operaties moet ondergaan en dat het been er misschien uiteindelijk toch af moet.
Het is dan qua lopen afgelopen.
Letterlijk staat in het vonnis: ‘Het leven van verdachte is ingrijpend veranderd omdat hij niet meer kan lopen en hij zich alleen nog maar kan voortbewegen in een scootmobiel.’
Het is dan ook ongepast, vinden de rechters, een straf op te leggen.
De uitspraak: Wim is schuldig, punt.

Omdat er een agent heeft geschoten, is er een onderzoek geweest van de Rijksrecherche.
Op grond van de bevindingen van de Rijksrecherche heeft het Openbaar Ministerie besloten de agent niet te vervolgen.
Onderzoeken van de Rijksrecherche zijn vertrouwelijk.
Wij moeten het maar geloven.
In een tijd dat het tamelijk naïef is de overheid zomaar te geloven, moeten wij het maar geloven.

Uit het besluit van het Openbaar Ministerie moeten wij ook maar de conclusie trekken dat de agent van het aanhoudings- en ondersteuningsteam die schoot, schoot omdat het mocht, omdat hij niet anders kon dan schieten.

Stel dat dat waar is, dan zou ik – zou ik die agent zijn – de inhoud van het vertrouwelijke Rijksrechercherapport per direct naar de rechtbankverslaggever die ik ben sturen (lekken kan hier: e-mail / vertrouwelijk).

In het vonnis staat nog een overweging van de rechtbank.
Die luidt dat de rechtbank van mening is dat de politie alvorens het arrestatieteam in te zetten ‘psychiatrische hulp of enige andere vorm van medische hulpverlening’ had moeten inschakelen. Daar was ‘naar het oordeel van de rechtbank’ en ‘gelet op de (geestelijke) toestand van de verdachte en de zelfmoordmelding wel degelijk reden toe’.

Het optreden van de politie in deze kwestie moet dan ook,  de advocaat zei het al, onbegrijpelijk heten.

Voor Wim rest niet veel.
Ik lees in het vonnis  dat het fileermes wordt onttrokken aan het verkeer, maar dat de knevel en de afscheidsbrief aan hem teruggegeven moeten worden.

Zet ‘m op Wim.

Rob Zijlstra

 

 

 

Net andersom

Er zijn getuigen,
maar hun verklaringen brengen
– zoals zo vaak bij getuigen –
meer verwarring dan duidelijkheid

 

Schermafbeelding 2016-01-21 om 23.08.44Twee tegenstrijdige verhalen kunnen niet tegelijkertijd waar zijn.
Dit blijft ook waar wanneer het om twee verhalen gaat die beide geloofwaardig zijn.
Gedegen politieonderzoek kan in zo’n geval uitkomst bieden, maar uitgerekend in deze kwestie heeft de politie zitten klooien.
De rechters drukten zich ietwat beleefder uit.
Die zeiden: ‘Het is jammer dat het dossier op cruciale punten hiaten bevat.’

Jan (32) uit Stadskanaal is de verdachte.
Het slachtoffer is Dirk (54) uit Wildervank.

Jan draait er niet omheen.
Zijn analyse: ‘Het is gruwelijk geëscaleerd. We zijn te ver doorgezakt.’
Hij was ’s middags met de bus naar Wildervank gegaan, voor een bezoek aan Dirk die hij wel kent.
’s Middags hadden ze bier en berenburg gehaald en haringen om te eten.

Ze zaten aan tafel in de voorkamer.
Eerst was het een gezellige boel, Jan had nog staan dansen.
Maar toen de drank de baas werd, veranderde de sfeer.
Dirk, zegt Jan, begon met die fles berenburg op de tafel te slaan.
Op die tafel lag niet alleen een mes (in verband met de haringen), maar ook de mobiele telefoon van Jan.
‘Ik zei nog, pas nou op, maar het was al te laat. Het glas spatte in mijn gezicht.’

De vrolijkheid is dan verdwenen.
Jan vindt dat Dirk een nieuwe telefoon moet betalen.
Of iets moet regelen met de verzekering.
Maar Dirk, zegt Jan, wilde daar niets van weten.
Volgens hem was het glas van de telefoon al stuk.
‘Er ontstond een welles-nietes-spelletje. Het viel me op dat Dirk heel heftig reageerde.’

Rechters: ‘En toen?’

Dirk, vervolgt Jan, ging even naar de wc.
‘Maar hij bleef lang weg, dus ging ik even kijken. Bleek dat hij op straat was. Ik liep hem achterna, maar viel toen op het stoepje, ik gleed uit. Samen zijn we toen naar binnen gekropen. Toen gingen we weer drinken en begon ik dus weer over die telefoon. Ik wilde dat nog even oplossen, want ik moest de bus halen naar Stadskanaal. Er ontstond duw- en trekwerk. Ik heb toen de tafel tegen hem aangeduwd. Ik wilde niet vechten. Maar ineens, tjakka. Ineens stak hij mij met een mes. Ik raakte in paniek. Ik dacht, halve gek, ik ga morsdood, hiero.’

Jan werd geraakt in de borst en in de linkerbovenarm en begon te slaan en te schoppen.
‘Om me te verdedigen. Het was een reactie uit angst.’
Toen Dirk na een tijdje niet meer bewoog, belde Jan 112.
Hij zegt: ‘Ik schrok, dacht, oei, dit komt niet goed.’

Als de politie arriveert, zit Dirk versuft op de grond, terwijl het witte T-shirt van Jan rood is gekleurd van het bloed.
Beiden worden met spoed overgebracht naar het ziekenhuis in Groningen.
De steekwond valt bij nader inzien mee.
Dirk is er daarentegen niet best aan toe.
Hij belandt op de intensive care met onder anderen breuken in het gezicht, een gebroken nekwervel en negen gebroken ribben.
Er ontstaan complicaties.
Artsen vrezen even voor Dirks leven.

Tja, zegt Jan, ik heb dit ook niet gewild.
Tja, zegt ook de officier van justitie met zijn strafdossier vol hiaten.
Hij zegt: ‘Er is iets gebeurd, de vraag is in welke volgorde.’
Hij heeft al een keuze gemaakt: ‘Ik ga ervan uit dat Dirk Jan heeft gestoken en dat Jan vervolgens in een hevige gemoedstoestand Dirk heeft geslagen en geschopt. Ik vind dat er sprake is van noodweerexces. Zelfverdediging in paniek. Jan heeft zich wel schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag, maar ik vind dat we hem daarvoor geen straf moeten opleggen.’

De advocaat van Jan is het daar roerend mee eens.
Jan verlaat – misschien wel een beetje ontgoocheld – de rechtszaal.

Maar dan, de volgende zaak.
Daarin is Dirk de verdachte en Jan het slachtoffer.
Dezelfde rechters: ‘Wat is er gebeurd?’
Tja, zegt Dirk.
‘We zaten gezellig te drinken en dat is toen uit de hand gelopen. Ik ben blij dat ik hier zit, want ik had net zo goed dood kunnen wezen.’

Rechter: ‘Vertel.’

Dirk: ‘Jan zei dat ik zijn telefoon kapot had gemaakt, maar dat is niet zo. Die telefoon was al kapot. We kregen woorden. Ineens sloeg hij mij van mijn stoel. En toen begon hij ook te schoppen. Ik ben naar buiten gevlucht, ik wilde naar mijn overbuurman. Maar Jan kwam achter me aan en sleepte me de woning weer in. Hij begon weer te slaan. Ik raakte bewusteloos. Toen ik bijkwam, waren er allemaal politieagenten.’

Dirk ontkent dat hij heeft gestoken met een mes.
‘Jan had een mes en maakte daarmee stekende bewegingen. Ik heb me afgeweerd.’
Dirk stroopt de mouwen op en laat de littekens op de onderarmen aan de rechters zien.
Die kijken met ernstige ogen en zeggen: ‘Jammer dat de politie hier niets over heeft opgenomen in het dossier.’
De messen waarmee gestoken zou kunnen zijn – er worden twee gevonden – zijn niet onderzocht.

Er zijn getuigen, maar hun verklaringen brengen – zoals zo vaak bij getuigen – meer verwarring dan duidelijkheid.
Om half tien zou het al vreselijk uit de hand zijn gelopen, terwijl pas om half elf het alarmnummer 112 werd gebeld.
De advocaat van Dirk zegt dat niet uitgesloten kan worden dat Jan zichzelf heeft verwond.
Het was een heel raar wondje, het was ook meer een snijwond dan een steekwond, met wel heel veel bloed.
Maar dat is niet raar, weet de advocaat die zich bij het scheren eens in de oorlel sneed. De rechters willen niet weten hoeveel bloed dat geeft.
‘Niet te stelpen.’

Tja, zeggen de rechters.
Ze zeggen dat ze in de vorige strafzaak een verhaal hebben aangehoord dat best heel aannemelijk klonk.
Tegen Dirk zeggen ze: ‘Maar uw verhaal past ook wel.’

Jan liegt.
Of Dirk doet dat.
De aanklager is zonder twijfel.
Hij heeft tijdens de zitting van Jan de knoop al doorgehakt.
Als Jan het slachtoffer mag zijn, moet Dirk de dader wel wezen.
Om beide vechtersbazen weg te laten komen met noodweer zou wel heel raar zijn en kan ook helemaal niet.
Dus Dirk hangt.
Hij is schuldig aan een poging tot doodslag en is – anders dan Jan – ook een strafbare dader.
De eis: achttien maanden gevangenisstraf waarvan zes voorwaardelijk.
Dat is een jaar.

Zo zit het dus.
Of net andersom.

Rob Zijlstra

update – 1 februari 2016 – uitspraken
Een lastige zaak zegt de rechtbank. Zo lastig dat ‘we er niet uitkomen’. De rechter: ‘Er liggen twee aannemelijke verklaringen die evenwel niet tegelijkertijd waar kunnen zijn. Voor beide verklaringen is bewijs en in beide zaken geldt dat dat bewijs niet kan worden weerlegt. Omdat naar een aantal cruciale zaken geen onderzoek is gedaan, blijft de waarheid in het midden liggen.’
Om toch tot een oplossing te komen besluit de rechtbank uit de te gaan voor het meest gunstige scenario voor beide verdachten.
Dirk wordt vrijgesproken.
Jan wordt ontslagen van alle rechtsvervolging

Daniel S.

nieuwsbericht
dagblad van het noorden

Levenslang gestrafte Daniel S. blijft in Nederland

Groningen

De Engelsman die een levenslange gevangenisstraf uitzit wegens een moord in Groningen, wordt het land niet uitgezet. De procedure die hiervoor door de minister van justitie in gang was gezet, is woensdag stilgelegd. De rechtszaak die donderdag bij het hof in Arnhem zou dienen is om die reden afgeblazen.

Het gaat om Daniel S. (57) die in november 2002 de toen 52-jarige onderwijzer Gerard Meesters doodschoot in diens woning aan de Uranusstraat in Groningen. S. werd vorig jaar plotseling tot een ongewenste vreemdeling verklaard waarna de minister een procedure begon die ertoe moest leiden dat S. zijn straf in Engeland kan uitzitten. Hoewel niet uitgesloten kon worden dat S. in Engeland op vrije voeten zou kunnen komen, gaf het Openbaar Ministerie (OM) een positief advies aan de minister. Met dit advies gaf het OM aan geen bezwaren te hebben om Daniel S. aan Engeland over te dragen.

De nabestaanden van Gerard Meesters, zoon Koen (34) en dochter Annemarie Meesters (32) voelden zich belazerd door justitie. Zij waren vooraf niet gekend in de procedure. Na een publicatie in deze krant over de kwestie werden zij uitgenodigd door het Openbaar Ministerie voor een gesprek. Op basis van dat gesprek heeft het OM een aanvullend advies gegeven waarop de minister de procedure heeft ingetrokken. De gevoelens van de nabestaanden hebben hierbij een grote rol gespeeld, zo bevestigt een woordvoerder van het OM.

De publiciteit over de voorgenomen uitzetting van Daniel S. leidde begin dit jaar ook tot Kamervragen van de fracties van SP en CDA. De kamerleden Michiel van Nispen (SP) en Madeleine van Toorenburg (CDA) willen onder meer weten waarom de minister de procedure tot uitzetting is begonnen. De vragen zijn nog niet door de minister beantwoord.

zie ook het dossier (in aanbouw) over deze zaak

dvhn

Schermafbeelding 2016-01-08 om 19.37.59

kamervragen + aanleiding

Belazerd en bedonderd

Je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd
En wat me nu na al die jaren nog verwonderd
Dat ik dat nooit vergeten zal al word ik honderd
Je hebt me belazerd, je hebt me bedonderd

 

Schermafbeelding 2016-01-14 om 23.06.07Wim is belazerd door een liefdeloze vrouw van plezier, terwijl Bart zo goed als zeker weet dat hij wordt bedonderd door die ellendige Wim met z’n malle praatjes.
Als het op belazeren en bedonderen aankomt, is de rechtszaal een waar lieglustoord.

Vier maal was de 54-jarige Wim uit Heerenveen op die zomerse dag in augustus (vorig jaar) bij Jennifer geweest, in de rosse buurt in Groningen.
Vier keer had hij haar ook betaald, tweehonderd euro per keer.
Ze had haar prijs.
Toen hij laat die nacht, vroeg in de ochtend, voor de vijfde keer voor haar raam stond, ging het mis.
Hij vroeg of hij mocht slapen op haar bed omdat hij moe was.
Maar de snode Jennifer peinsde er niet over en zei dat-ie maar ergens onder een brug moest gaan liggen.
De gek!

Wim zegt tegen de rechters: ‘Ik was teleurgesteld. Ik dacht dat het liefde was, maar het ging haar alleen maar om mijn geld. Ik voelde me besodemieterd.’
Rechters: ‘U was boos.’
Wim: ‘Nou ja, boos? Ik deed in ieder geval alsof. Ik laat mij niet in de maling nemen.’
Rechters: ‘U riep dat u uw geld terug wilde, dat u anders de boel in elkaar zou slaan.’
Wim: ‘Zij sloeg me op mijn kop.’
Rechters: ‘Ja, logisch, u pakte haar geld.’
Wim: ‘Haar vriend stond buiten.’
Rechters: ‘Is het waar dat u een bijl had meegenomen?’
Wim haalt de schouders op: ‘Nuchter val ik best mee.’

Dat van die bijl klopte.
Wim zegt dat hij ook wel begrijpt dat dat achteraf gezien wat raar overkomt.
Dat je dan rare dingen kunt denken.
Want wat doet een man met een bijl?
En het was natuurlijk ook niet netjes om haar geld te pakken.

Rechters: ‘Want daar had ze voor gewerkt.’
Wim: ‘Agenten zeiden tegen mij dat ik het geld terug moest geven. Dat heb ik toen ook gedaan.’

De rechters: ‘Vier keer tweehonderd euro op één dag, dat is best veel. Toch?’
Wim: ‘Ik had het gespaard over de jaren heen.’
Rechters: ‘Om het dan in een keer uit te geven?’
Wim die met zijn vinger een vuiltje van zijn mouw veegt: ‘Och, dat maakt mij niets uit.’

Er is nog meer aan de hand met deze verdachte.
Een maand eerder zou hij geld hebben gestolen uit een woning aan de Dorpsstraat in Drenthe. Volgens de aangifte gaat het om 8.275 euro.
Bart, de bewoner, zegt dat er in totaal zo’n 13.000 euro is verdwenen, op verschillende momenten.
Hij licht toe: ’Ik kan niet bewijzen dat hij het hele bedrag heeft gestolen’.

De bedonderde bewoner is handelaar in oud en ambulant goed, in oude tractoren bijvoorbeeld.
Het gaat vooral om contante handel waarvan niet zoveel op papier komt.
De contanten lagen verstopt in de woning.
Wim kwam vaak bij Bart over de vloer, gewoon voor de gezelligheid.
De gedupeerde handelaar zegt tegen de rechters: ‘Ja, hij vond het gezellig, maar ik niet. Ik vind hem een rare kerel.’

Op een dag wordt Wim slapend in zijn auto nabij het treinstation in Meppel aangetroffen door de politie.
Hij stond geregistreerd om aangehouden te worden in verband met die diefstal in de Dorpsstraat. Het kenteken klopt en in de auto vindt de politie het rode petje met daarop de naam Valentino Rossi.
Zo’n petje was ten tijde van de diefstal in de Dorpsstraat gesignaleerd.

De rechters: ‘MotoGP.’
Wim: ‘Rossi is mijn favoriet.’

Onder de bijrijdersstoel vinden de agenten nog iets.
Een plastic zakje met daarin 23.970 euro.
Wim zegt dat hij oude tractoren koopt, restaureert en weer verkoopt.
Beste handel.
Hij droomt van een Lanz Bulldog, een tractor met een liggende één-cilinder tweetakt gloeikopdieselmotor.
Het is de koning onder de tractoren en kost al gauw 30.000 euro.
Vandaar dat geld onder de bijrijdersstoel.
Wim: ‘Mijn spaargeld.’

In de Drentse Dorpsstraat was hij nooit geweest, vertelde hij eerst aan de politie.
Later zegt hij dat dat een leugentje was, dat hij er wel is geweest.
Maar nooit was hij in de woning, laat staan dat hij geld heeft gestolen uit het afgesloten kabinet in de woonkamer.

De rechters vinden het maar raar.
Sowieso.
Zo veel geld, terwijl hij officieel een inkomen geniet van 900 euro per maand.
Wim meent dat ze wel meer kunnen zeggen.
Hij rekt zich iets uit en zegt: ‘Ik, deze man, deed ooit op een racefiets 18 kilometer in 25 minuten.’
Met niet minder trots merkt hij op dat hij geen medicijnen gebruikt.
‘Ik ben anti-tablet.’

Goed, de drank was wel een probleem.
Maar, zegt hij: ‘Ik doe geen drank meer in de auto. Daar ben ik mee gestopt.’
Dat er aan zijn goede verstand wordt getwijfeld, vindt Wim hoogst merkwaardig.
‘Ooit heb ik in Drachten een hoogleraar ontmoet. We hebben gepraat en hij schatte mij in op een gemiddeld niveau. Ik sta open voor een behandeling, maar kom mij dus niet aan met psychiaters.’

De officier van justitie vindt dat er 8.275 euro aan Bart teruggegeven moet worden.
Dat Wim de dief van de Dorpsstraat is geweest, dat staat voor haar vast.
Hij is er met zijn rode petje gesignaleerd en hij belazert en bedondert de boel.
Eerst zegt-ie dat hij Bart niet kent, later geeft hij toe er regelmatig op bezoek te komen.
En al helemaal is er geen twijfel over de diefstal in de kamer van Jennifer, waarbij ook nog eens geweld is gebruikt.

De advocaat van Wim meent dat er amper van diefstal bij Jennifer gesproken kan worden.
‘Hij is maar heel even heer en meester van het geld geweest, geld dat hij heeft teruggegeven. En duwen is geen heus geweld. De misdaad in de Dorpsstraat kan niet worden bewezen, want er zijn slechts verklaringen opgetekend uit de mond van de bewoner. Dat is onvoldoende en dat betekent vrijspraak.’

De officier van justitie eist negen maanden celstraf waarvan er zes op de lat mogen komen te staan.
Als waarschuwing.
Met die drie maanden die overblijven is de tijd verrekend die Wim in voorarrest heeft gezeten. Neemt de rechtbank de strafeis over, dan kan iedereen overgaan tot de orde van de dag.

Bart van de Dorpsstraat verlaat hoofdschuddend de rechtszaal.

Rob Zijlstra

uitspraak op 28 januari

Weliswaar schuldig

Pyrrhus, de koning van Epirus, won twee veldslagen tegen de Romeinen, maar verloor daarbij een groot aantal mannen. Toen een van zijn generaals hem met zijn overwinning wilde feliciteren zou hij hebben opgemerkt: ‘Nog één zo’n overwinning en ik ben verloren.’ [wikipedia]

 


Keurig misdaadgeld, mag je dat houden?

Schermafbeelding 2016-01-13 om 16.04.47

achterdeur

Worden de twee Bierumer wietkwekers die schuldig werden verklaard, maar geen straf kregen opgelegd, vandaag donderdag alsnog via de portemonnee bestraft?
Het zou zo maar kunnen.

Donderdagmiddag doet de rechtbank in Groningen uitspraak in de ontnemingsprocedure die het Openbaar Ministerie vorig jaar tegen hen begon.
John en Ines hebben hennep geteeld en verkocht.
Hennep telen is strafbaar en het verkopen aan koffieshops wordt niet gedoogd.
De opbrengst is dus wederrechtelijk: het is misdaadgeld.
En omdat het kwade niet mag lonen, moet het verdiende geld worden ingeleverd.
Het geld gaat dan naar de staatskas en daarmee is het van ons allemaal.

De tegenwerping van de advocaten van de Bierumers, Sidney Smeets en Tim Vis, is dat zij belasting hebben betaald over de verdiensten.
Daarmee kan niet meer gesproken worden van misdaadgeld.
Het Openbaar Ministerie ziet dit anders.
De inbreker die zijn buit opgeeft als inkomsten, kan een aanslag verwachten van de fiscus, zei de officier van justitie.
Hij zei ook: ‘De belastingdienst heeft geen moreel oordeel over inkomsten.’

Het is nog iets complexer.
John en Ines stonden terecht wegens de hennepteelt.
Ze zijn zogenaamde principiële henneptelers.
Zij vinden dat de manier waarop zij hennep telen, de manier is waarop het zou moeten.
Met hoe zij het doen, zouden ze bijvoorbeeld de criminaliteit rond hennepteelt een flinke slag toebrengen en zou de staatskas er flink van profiteren.

Nu is het net andersom.

De rechtbank ging er  in mee en oordeelde dat de twee telers zich weliswaar schuldig hebben gemaakt aan een strafbaar feit, maar dat ze daarvoor geen straf verdienen.
Wat ze deden en vooral de manier waarop, past binnen de uitgangspunten van het Nederlandse softdrugsbeleid, vonden de rechters in Groningen.
Volksgezondheid en het handhaven van de openbare orde wegen daarin zwaarder dan de strafrechtelijke aanpak van softdrugs.

De Bierumers… 

hebben openheid van zaken gegeven over het feit dat zij zich bezig hielden met de hennepteelt

hebben de benodigde elektriciteit op een verantwoorde en veilige manier afgenomen en de elektriciteitsrekeningen aan de leverancier betaald

hebben naast hun drugsinkomsten geen uitkering

hebben hun inkomsten en administratie bijgehouden, deze inkomsten opgegeven aan de belastingdienst en daarover ook belasting betaald

hebben geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt, er was geen sprake van een brandgevaarlijke situatie en er is geen overlast in de nabije omgeving geconstateerd

hebben enkel en uitsluitend willen afleveren en afgeleverd aan twee gedoogde coffeeshops, van grensoverschrijdende verkoop is voorts evenmin gebleken.

[uit het vonnis]

Diezelfde drie strafrechters moeten nu opnieuw met een oordeel komen over het keurig verdiende, maar vermeende misdaadgeld.
Kun je iemand geen straf opleggen omdat-ie het keurig heeft gedaan om vervolgens wel de verdiensten als misdaadgeld te bestempelen dat afgedragen moet worden?
Het gaat in deze zaak – volgens de berekeningen van het OM – om 174.988 euro.

Juridisch kan het.
John en Ines hebben de wet overtreden.
Daaraan zijn ze schuldig.
Het feit is dus bewezen en dat impliceert dat de verdiensten wederrechtelijk zijn verkregen en dus ook dat er moet worden afgerekend.
Ook keurige misdaad mag niet lonen.

In de geest van de uitspraak ‘wel schuldig, geen straf’ kan de rechtbank de hoogte van het ‘wederrechtelijk verkregen voordeel’ bepalen om vervolgens de terugbetalingsverplichting op nul euro vast te stellen.
Dat doen rechters wel eens vaker.

citaat ag

Of…
Het Openbaar Ministerie ging tegen de schuldigverklaring zonder straf in hoger beroep.
Het gerechtshof in Leeuwarden verklaarde de Bierumers eveneens schuldig, maar legde ook een straf op: drie maanden voorwaardelijke celstraf, gekoppeld aan een proeftijd van drie jaar.
De rechtbank in Groningen kan aansluiting zoeken bij dit arrest van de hogere rechters.
Dan zeggen de Groninger rechters dat een straf via de portemonnee bij nader inzien passend en geboden is.

De uitspraak is rond 13.00 uur en via @zittingszaal14 ‘live’ te volgen.

Rob Zijlstra

update – 14 januari 2016 – uitspraak
Het gaat bijna altijd (vaak, soms) weer anders dan je vooraf inschat. De rechtbank heeft het onderzoek heropend want voelt zich onvoldoende geïnformeerd, sprak de voorzitter. Het komt erop neer dat de rechtbank  de uitkomst van de lopende cassatie bij de Hoge Raad wil afwachten. Zodra er duidelijkheid is in de hoofdzaak, kan dan een beslissing worden genomen in de ontnemingsprocedure.  Een en ander kan nog wel een jaar op zich laten wachten. Eerste reactie van in rechtbankgebouw loslopende juristen: ‘Ja, eigenlijk wel logisch.’ Ook John laat weten zich te kunnen vinden in het tussenvonnis. ‘Ik begrijp het wel.’

het tussenvonnis 

 

Schermafbeelding 2016-01-13 om 16.16.43

Haalt Bierumer wietproces de geschiedenisboeken? [dvhn, 2 april 2014] link
Verslag strafzitting rechtbank Groningen [blog, 12 oktober 2014] link
Vonnis rechtbank Groningen [rechtspraak.nl, 16 oktober 2014] link
Arrest hof Leeuwarden, hoger beroep [rechtspraak.nl, 9 november 2015] link
Zitting ontnemingsvordering rechtbank Groningen [blog, 3 december 2015] link

 

Lichtsnelheid en rommelzooi

Ze hadden cannabis, een fles
Stroh Rum en xtc-pillen.
Genot dat in de Van Mesdag
eenvoudig is te verkrijgen.

 

Schermafbeelding 2016-01-08 om 00.33.12Een strafzaak verloopt in de zalen van het recht volgens een vast stramien.
Zo krijgt de verdachte bij aanvang altijd allereerst te horen dat hij niet verplicht is antwoord te geven op vragen die aan hem worden gesteld.
Helemaal aan het einde van de strafzaak geeft de rechter aan de verdachte het hem wettig gegunde laatste woord.
Dat moet ook altijd.

Kennelijk is dit de meest effectieve manier om grip te krijgen op de onvoorspelbare wereld van de misdaad die zich juist niet laat vangen in orde en regelmaat.
De misdaad, hoe klein die ook is, kenmerkt zich door ordeloosheid.
Misdaad is vaak maar een rommelzooi.

Neem de 33-jarige Yousef uit Herat, Afghanistan.
Hij was de eerste verdachte die dit jaar in zittingszaal 14 terecht moest staan.
Yousef had in tien jaar tijd zijn honderdste misdaad gepleegd.
Bij de Plus-supermarkt in Groningen had hij een blikje vis en een zakje vissaus in de jaszak gestopt.
Plus-medewerksters zagen dat.

Yousef heeft het zo druk met stelen dat hij nooit is toegekomen aan het eigen maken van de Nederlandse taal.
Zo komt hij geen steek verder.

In 2014 jatte hij vijf bierkratten vol lege flessen uit een tuin van studenten.
De officier van justitie verzocht de rechtbank toen de twee jaar durende veelplegersmaatregel isd op te leggen.
De Groninger rechters vonden twee jaar voor vijf kratten buiten de proporties.
Yousef kreeg drie weken celstraf.
Er volgde hoger beroep.
En wat?
De rechters van het gerechtshof vonden twee jaar isd heel gepast en legden die ook op.
Deze kwestie ligt nu ter boordeling bij de Hoge Raad.

Voor de nieuwe misdaad, het blikje vis met de saus, eiste de officier van justitie opnieuw de isd-maatregel.
De kans is daarmee vrij groot dat Yousef straks met twee isd-veroordelingen zit opgescheept.
Het zal de Afghaan vast worst wezen, maar zoiets kan helemaal niet. De wet voorziet er niet in.
De officier van justitie kwam met een voorstel: als hij er twee krijgt, executeren (voltrekken, uitvoeren) we er maar eentje.

Dat is niet netjes, maar wel praktisch opgelost.

Of neem de 28-jarige Wessel uit Oostrum, Friesland.
Wessel is tbs’er die in december 2014 in de Van Mesdagkliniek in Groningen met twee mede-patiënten flink aan de tetter was gegaan.

Ze hadden cannabis, een fles Stroh Rum en xtc-pillen.
Genot dat in de Van Mesdag eenvoudig is te verkrijgen, mompelde Wessel.
Hoe het zo kon gebeuren, dat andere, bleef tijdens de rechtszaak vaag.
Het varieerde van ‘het was gewoon uit de hand gelopen’ tot aan een geplande actie waarbij medeverdachte Bob een spel had gewonnen met als prijs dat hij diegene was die de moord mocht plegen.
Hoe dan ook, ze waren met een smoes de kamer van mede-tbs’er Willem binnengedrongen.

Omdat Willem een pedo is.
En van pedo’s worden wij niet vrolijk, zegt Wessel.
Een uur lang beukten ze kachel op hem in.

Willem overleefde de aanslag.
Waarom?
Wessel zegt dat hij daar niet om heen wil draaien: ‘Omdat de beveiliging kwam.’
Wat als die niet was gekomen?
Dan was Willem waarschijnlijk nu dood, antwoordt Wessel.
Hij zegt: ‘Dat is simpel zat.’
Was dat ook de bedoeling?
Wessel: ‘Nee, we wilden hem niet dood hebben. We wilden hem alleen maar waarschuwen. Was hij wel doodgegaan dan had ik dat verschrikkelijk gevonden.’

Behalve slaan en schoppen hadden ze Willem met een mes in de pols gestoken, dreigden ze zijn keel open te snijden en hadden ze een koord om de nek strak getrokken, zo strak dat Willem niet alleen dacht, maar ook voelde dat het over en uit was.
Wessel: ‘Klopt. We hebben hem flink toegetakeld.’

En dan is het even na drieën.
Buiten de orde om zeggen de rechters dat ze even willen bekijken hoe buiten de buien erbij hangen.
Er is nog meer ijzel op komst en iedereen moet veilig thuis kunnen komen.
Nog altijd code rood?
De rechters besluiten de strafzaak stil te leggen om ergens later dit jaar verder te gaan.

Ho, zegt de advocaat van Wessel: ‘Probleem.’
Wessel zit nog tot 31 januari in de tbs.
Daarna moet hij de kliniek verlaten, dan is hij klaar.
Maar hij heeft niks, hij zal op straat belanden en dakloos verder moeten leven.
Komt bij dat Wessel zelf liever gewoon tbs’er wil blijven.

Weer wordt praktisch nagedacht.
De rechters stellen voor om aanstaande maandag verder te gaan met Wessel.
De twee medeverdachten kunnen gerust later dit jaar.
Mocht de officier van justitie maandag een nieuwe tbs eisen (is de verwachting) dan kan de rechtbank nog voor de 31ste uitspraak doen.
Kan Wessel mooi blijven zitten waar hij zit.

Zo moet het niet, maar de oplossing is efficiënt en toepasbaar.

En dan was er op die eerste zittingsdag van het nieuwe jaar ook nog de 20-jarige Maron.
Hij wordt verdacht van een serie van 25 serieuze woninginbraken, gepleegd in 2014 in vooral Sappemeer, Hoogezand en Zuidlaren.
Begin 2015 werden Maron en vijf van zijn kompanen gearresteerd.
De medeverdachten zijn al eerder op vrije voeten gesteld, want de inhoudelijke behandeling van de strafzaak laat nogal op zich wachten.
In maart – dat is dus ruim een jaar na de arrestaties – moeten nog getuigen worden gehoord.
Pas daarna wordt een datum bepaald waarop de verdachten zich moeten komen verantwoorden.

De rechters zeggen tegen Maron dat ze flink hebben zitten rekenen en uiteindelijk tot een conclusie zijn gekomen.
Ze zeggen: ‘Uw tijd zit erop. U mag naar huis.’
De rechters hebben uitgerekend dat de straf die Maron uiteindelijk zal krijgen niet langer zal duren dan de tijd die hij nu al heeft vastgezeten.
En als dat zo is, dan wil de wet dat het mooi genoeg is geweest.

Niets kan sneller bewegen dan het licht, sprak Albert Einstein.
En waarom kan dat niet?
Albert Einstein: ‘Omdat anders oorzaak en gevolg verwisseld raken.’

In zittingszaal 14 heerst de orde van het recht, maar in de praktijk kun je met het vaste stramien alle kanten op.
Twee opgelegde straffen tegelijk kan, want eentje wordt toch niet uitgevoerd.
Moet ik weg?
Doe dan nog maar een tbs.
Of – geval Maron – dat je eerst je straf uitzit en dat pas daarna het strafproces volgt.
Eerst de uitslag, daarna de wedstrijd.

In de rechtszaal kunnen de vaste elementen sneller bewegen dan het licht.
Of dat geen mooi begin is van een nieuw jaar.

Rob Zijlstra

update – 11 januari 2016 – vervolg
Het Openbaar Ministerie heeft – zoals de verwachting was – tbs met dwangverpleging geëist tegen Wessel. De rechtbank doet op 25 januari uitspraak. Dat is een paar dagen voor de afloop van de gemaximeerde tbs van vier jaar die Wessel aan de broek had hangen. De nieuwe tbs is niet gemaximeerd. De officier van justitie zei dat Wessel daarom een ongewisse toekomst tegemoet gaat.

update – 25 januari 2016 – uitspraak
Wessel is – geen verrassing – veroordeeld tot tbs met dwangverpleging zonder einddatum.

Misdaadmythe

We geloven maar al te graag
dat de politie vooral bezig is
met het bestrijden van de misdaad
En dat is niet zo

Schermafbeelding 2016-01-02 om 18.18.38
Jaren achtereen riep de politie tijdens het bestrijden van de misdaad: meten is weten.
Meet hoeveel dieven er zijn en dan weet je exact hoeveel je er moet oppakken.
Politiechefs presenteerden maandrapportages (marap’s) aan burgemeester, wethouders en controlerende gemeenteraadsleden.
Gewichtige rapporten waarin per misdrijf de stand van zaken werd beschreven: hoeveel woninginbraken er vorige maand waren gepleegd, hoeveel inbraken er de komende maand gepleegd zouden worden en hoe een en ander zich verhield tot de begrote aantallen inbraken in beleidsplannen.

Die brij aan cijfers kwam samen in politiejaarverslagen.
Wij van de media berichtten op basis van die verslagen dat de misdaad was gestegen, was gedaald en met hoeveel procent het dus steeds veiliger of steeds onveiliger nu weer was geworden.

De helft van de mensen weet dat dat onzin is.
De andere helft komt daar nog wel achter.

Toen ik begon als rechtbankverslaggever was ‘meten is weten’ nog heel gangbaar.
Dus ook ik ging meten in de volle overtuiging dat zoiets zou helpen om te begrijpen.

De cijfers (mijn cijfers) beslaan een periode van elf jaar en hebben betrekking op bijna 4.000 strafzaken die dienden voor de meervoudige strafkamer, de strafkamer die is bedoeld voor het serieuzere misdaadwerk.
Ik kan bijvoorbeeld zo zien welke rechter wie van waar en wanneer heeft gestraft en waarvoor. Hoeveel studenten en onderwijzers kinderporno verzamelden.

Mijn cijfers van het afgelopen jaar laten zien dat de meervoudige strafkamer van de rechtbank in Groningen uitspraak deed in 290 zaken.
Bij elke zaak hoort één verdachte.
Van die 290 verdachten (21 vrouwen) in de leeftijd van 18 tot en met 77 jaar werden er 32 vrijgesproken.
Over meerdere jaren: het aantal vrijspraken neemt toe.
Wat echter te denken geeft: 80 van de 290 zaken die in 2015 werden behandeld, waren misdaden van 2013 en van nog ouder.

Verreweg de meeste verdachten hadden de Nederlandse nationaliteit: 204.
De overige 86 vertegenwoordigen 30 nationaliteiten.
Dit aantal is door de jaren heen stabiel.

Noord-Groningen leverde van de 290 misdaadkwesties slechts 9, nog altijd eentje meer dan het Westerkwartier.
Het Eemsmondgebied was goed voor 18 zaken, Oost-Groningen 67, de stad Groningen (inclusief Haren) 140.
Drenthe leverde 31 strafzaken aan ‘Groningen’, Friesland net 3.
De rest betreft misdrijven die geen specifieke locatie kenden.
Dat Groningen zo veel ‘Drenthe’ doet is overigens nieuw.

De meeste zaken hadden betrekking op diefstal, gevolgd door zaken waarbij geweld de boventoon voerde.
Er zijn ook diefstallen met geweld.
Diefstal al dan niet gepaard gaande met geweld zijn samen goed voor 160 van de 290 zaken.
Hoog in Groningen, maar ook Drenthe – zoals alle jaren – scoren zedenzaken: ontucht met minderjarigen, bezit van kinderporno, aanranding en verkrachting.
Opgeteld 66 zaken (waarvan 11 moeten worden toegeschreven aan Drenten).

Waren de straffen wel streng?
In 182 strafzaken werden door de rechters lagere straffen opgelegd dan door de officieren van justitie geëist.
Er werd 80 keer conform de eis gestraft en 28 maal vonden de rechters de strafeisen te laag en rolden er een hogere straffen uit.
Al met al resulteerde dit in ruim 190 jaren onvoorwaardelijke gevangenisstraffen en bijna 13.000 uren aan onbetaalde arbeidsuren (werkstraffen).

Maar was het wel streng genoeg?
Dat zal moeten blijken.
Gaat geen veroordeelde dit jaar opnieuw de fout in, dan is 2015 qua straf een bijzonder goed jaar geweest.

Wat zeggen nou al die cijfers?
Dat je moet oppassen.
Ineens veel meer zedenzaken in de rechtszaal betekent niet dat er plots meer zedendelicten op kinderkamers worden gepleegd.
Inbrekers waren schaars het afgelopen jaar in de rechtszaal, hoewel er volop wordt ingebroken.
En mensenhandel krijgt extra aandacht (want een speerpunt), maar die extra aandacht leverde in 2015 slechts 5 rechtszaken op (in 2014: 7).
De cijfers laten wel zien wat al eerder was opgevallen: de rechtbank behandelde in 2015 (en ook in 2014) veel minder strafzaken dan daarvoor en er werden relatief veel oude misdaden berecht.

Met cijfers kun je ook goochelen.
De meervoudige strafkamer van de rechtbank in Groningen beoordeelde afgelopen jaar dus 290 verdachten, sprak er 32 vrij en veroordeelde 258 volwassenen tot een straf.
Dat is – de zaterdag en zondag niet meegerekend – één boef per dag.
En dat terwijl er dagelijks 580.000 Groningers zijn.

Ga je het zo bekijken, dan kun je de stelling betrekken dat het helemaal geen zin heeft dat er dagelijks ook nog eens honderden politie-agenten in dienst zijn.
Want wat doen die dan eigenlijk?

Ik denk, wat politieprofessor Bob Hoogenboom zegt.

Deze hoogleraar politiestudies en veiligheidsvraagstukken publiceert regelmatig over de politie.
Hij schreef het afgelopen jaar bijvoorbeeld dat de politie om de gestelde doelen te halen achter makkelijke zaken aanholt.
Dat leidt wel tot meer strafdossiers maar door dat gehol zijn die dossiers onder de maat en die leiden tot niets.
De politie wordt op papier productiever, maar in de rechtszalen zijn minder strafzaken. Hoogenboom: ‘Hou op met die cijfers.’

Ons probleem is, beweert de professor, dat we geloven in een mythe.
We geloven maar al te graag dat de politie vooral bezig is met het bestrijden van de misdaad.
En dat is niet zo.
Hooguit tien procent van de tijd is de politie bezig met misdaadbestrijding.
De overige tijd en energie gaat op aan hulpverlening aan mensen die in de war zijn, aan burenruzies, aan bijstand bij vechtscheidingen en verkeersongelukken, aan het simpelweg aanwezig zijn: bij voetbalwedstrijden, bij demonstraties, in uitgaansgebieden, surveilleren in de wijken en dorpen.
Hiermee heeft de politie, zegt Bob Hoogenboom, een ongelooflijk belangrijke symbolische functie.

Dat de politie rechtstreeks in verband wordt gebracht met dalende en stijgende criminaliteit, is ook de schuld van de media.
Wij van de pers houden het beeld van de politie als crime fighter levend, zo de populaire politieseries dat op de televisie en andere beeldschermen doen.
Ook de politiek van veiligheid en justitie doen ons in deze fabel geloven en de politie zelf spreekt het niet tegen.

Dit was 2015.

Komende week staan de eerste strafzaken van 2016 op de rol van de meervoudige strafkamer.
Als een van de eersten moet er een man terechtstaan omdat hij wordt verdacht van diefstallen in Winschoten.
Dat deed hij in 2013 ook al eens en in de voorbije elf jaar waren er nog 29 mannen die terechtstonden omdat ze in Winschoten diefstallen hadden gepleegd.
Zij kregen gevangenisstraffen van 22 dagen tot 3 jaar opgelegd.

Dat zegt dus niets en al helemaal niets over Winschoten.
Maar u weet het alvast.

Rob Zijlstra
dit verhaal is ook gepubliceerd in dagblad van het noorden, zaterdag 2 januari ’16

→ de Veiligheidsmythe [bart de koning] met dank aan erik
→ Bob Hoogenboom: de politiecolumn
→ een deel van mijn ‘meten en weten’: opgelegde straffen
→ 2 tot de 57885161ste macht – 1 is het grootste bekende priemgetal [hou op]

De nul (0)

bali

 

Bovenstaande foto heb ik op 22 december 2015 gemaakt bij balie 0 in de hal van de rechtbank in Groningen, ’s ochtends.
De 0 staat niet voor de O van O-jee.
De O staat voor nul (0).
Voor als er na het laatste fluitsignaal geen doelpunten zijn gemaakt.
Of als er iets of iemand van generlei waarde is.

Wie zich bij de rechtbank in Groningen moet melden, komt eerst de portier achter glas tegen.
Daar moet je door gaatjes vertellen wat je komt doen om vervolgens alle roerende goederen, inclusief broekriem, ter controle op een lopende band te leggen.
Dat is, ten koste van de privacy, omwille de veiligheid.

De meeste mensen die naar de rechtbank gaan zijn onschuldig.
De meeste mensen die de gang naar de rechtbank maken, komen daar niet vanwege een gepleegde misdaad.
De meeste mensen komen voor heel andere juridische kwesties naar de rechtbank.
Alleen de (on)schuldigen moeten naar balie 1 of 2, eerste verdieping.
De meeste mensen moeten zich melden bij balie 0, begane grond.

Waarom heet de eerste balie die er is, eigenlijk nul (0)?
En niet 1?
Ik vraag mij dat al heel lang af.
Zo ik mij ook heel lang heb afgevraagd waarom het Groninger gerechtsgebouw geen tweede verdieping kent, maar wel een eerste en een derde (is een ander verhaal).

Terug naar de nul.
Wie 0 fouten maakt, is goed bezig.
Maar wie eenzelfde nul op rekest krijgt, maakt geen schijn van kans.
Ooit zijn wij mensen, uit praktische overwegingen, begonnen met tellen.
Om het overzicht te houden.

Het begon met één (1) koe.
Toen twee (2) koeien.
Op een dag kwam een rijke boer die al negen (9) koeien bezat thuis met een kalf.
Dat beest groeide en groeide en ging vanzelf meer en meer op een koe lijken.
De boer zag het gebeuren, had slapeloze nachten, hij piekerde zich suf.
Hoe nu verder te tellen?
Juist op de dag, op een ochtend, dat het kalf niet meer van een koe was te onderscheiden, kreeg hij een ingenieuze ingeving.
Komt tijd komt raad, toen al.
Boer besloot, ik tel gewoon opnieuw.
Om de eerste reeks van de tweede te onderscheiden, krabbelde hij het teken 0 (nul).
Eenvoudig een rondje.
Betekenis tot dan: een nietszeggende niks.
En zo geschiedde.

In de jaren die volgden groeide de veestapel en ging de 0 (nul) een steeds voornamere rol spelen.
Uiteindelijk werd dat wat eens helemaal niks was van een onschatbare waarde.
Een 39 met zes nullen, je zult maar winnen in de oudejaarsloterij.

En zo ook moet het zijn gegaan, vele honderden jaren na de boer met zijn koeien, in de rechtbank van Groningen – nabij balie 0.
Het is, hoe kan het anders, een magistratelijk eerbetoon aan een leeg getal dat ons toch verder bracht.
Daarom hebben Groninger rechters op misschien wel een ochtend, besloten om bij balie 0 een palmboon neer te zetten.

Ik bedoel, het is  vredestijd, waarom anders een palmboom?

Rob Zijlstra

Schermafbeelding 2016-01-13 om 17.49.17

Voorgenomen besluit (2)

Dit verhaal stond op 24 december 2015
in Dagblad van het Noorden

SP en CDA stellen kamervragen aan de
minister van veiligheid en justitie

update 1 februari 2016 
Met de antwoorden van de minister (onderaan)

‘JUSTITIE BELAZERT DE SAMENLEVING’

De nabestaanden van de in Groningen vermoorde Gerard Meesters hebben altijd gezwegen. Maar nu willen ze hun verhaal kwijt. Boos en teleurgesteld zijn ze. Want er gebeuren, zeggen zoon Koen (34) en dochter Annemarie (32), merkwaardige dingen. ‘We begrijpen het niet en voelen ons zo ontzettend machteloos.’

Onderwijzer Gerard Meesters wordt in november 2002 in zijn woning aan de Uranusstraat in Groningen in koelen bloede doodgeschoten. De aanleiding is bizar. De zuster van Meesters is in Spanje betrokken bij de diefstal van een partij drugs van een Engelse drugsorganisatie.

Op 24 november 2002 krijgt Gerard Meesters bezoek aan huis van vijf mannen. Meesters wordt bedreigd en moet vertellen waar zijn zuster uithangt. Hij krijgt vijf dagen de tijd. Een van de bedreigers, zo zal later blijken, is de dan 28-jarige Gwenette Martha, de man die later zou uitgroeien tot een van de kopstukken van het Amsterdamse criminele milieu. Voor de bedreiging van Meesters kreeg hij een jaar celstraf. Martha is in mei 20014 in Amsterdam geliquideerd.

De bedreiging van Meesters was van serieuze aard. En hij heeft geen idee waar zijn zuster uithangt. Op 28 november 2002 wordt er opnieuw bij hem aangebeld. Als Meesters de voordeur opent, wordt hij doodgeschoten. De schutter is de Engelsman Daniel S. Hij wordt in 2005 veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf.

Tijdens de rechtszaak wordt duidelijk dat S. in opdracht handelde van zijn landgenoot Robert D., de eigenaar van de gestolen partij drugs. D. heeft een zeer gewelddadige reputatie. Het vermoorden van onschuldige naasten van bendeleden past binnen zijn werkwijze.

Het bovenstaande is de geschiedenis.
Er zijn twee recente ontwikkelingen.

Vorige maand (november ’15) is Robert D. op verzoek van Frankrijk gearresteerd in Spanje op verdenking van grootschalige drugshandel. Hoewel het Openbaar Ministerie (OM) Robert D. beschouwt als de man die opdracht heeft gegeven Gerard Meesters te vermoorden, wordt vanuit Nederland geen actie ondernomen. Er wordt niet om zijn uitlevering gevraagd. Het OM zegt kennis te hebben genomen van de arrestatie van D., maar heeft geen belangstelling voor hem. De officiële verklaring van het OM is dat er te weinig bewijs tegen D. ligt om te komen tot een succesvolle veroordeling.

In het vonnis van de rechtbank waarin Daniel S. tot levenslang wordt veroordeeld, wordt Robert D. aangewezen als de opdrachtgever. In de door het OM uitgebrachte dagvaarding van S. wordt Robert D. zelfs met naam en toenaam genoemd.

Het is de tweede keer dat Nederland Robert D. laat lopen. In 2008 zat hij enige tijd vast in Dubai om vervolgens te worden uitgeleverd aan Spanje in verband met de smokkel van 200 kilo cocaïne. Engeland verzocht toen wel om uitlevering, maar het verzoek was een half jaar onderweg. D. liep toen al weer vrij rond.

Annemarie Meesters: ‘Dit roept veel vragen op bij ons. Hoe kan zoiets? Het is zo ontzettend frustrerend. Ze doen geen enkele moeite om D. hier te krijgen. Hij zit niet alleen achter de moord op mijn vader, maar hij wordt gelinkt aan veel meer drugsmoorden. Ik wil het na zoveel jaar afsluiten, maar dat gaat niet.’
Koen Meesters: ‘Ik heb gevraagd of ik het politiedossier kon krijgen. Niet mogelijk omdat het onderzoek niet is afgerond, zeiden ze. Maar hoezo dan? Het OM zegt zelf niet meer te willen investeren in D.’

Er gebeurde nog iets. De minister van Justitie heeft vorige maand een procedure in gang gezet om de tot levenslang veroordeelde Daniel S. het land uit te zetten. Annemarie en Koen kwamen hier bij toeval achter. Koen: ‘We schrokken enorm. Dit gaat echt te ver. Ik vind ook dat de samenleving wordt belazerd. S. is door de rechtbank en in hoger beroep door het Hof tot levenslang veroordeeld. Het OM had dat ook geëist. In het vonnis staat dat S. een blijvend gevaar is en nooit meer op vrije voeten mag komen. En dan willen ze hem nu stiekem overdragen aan Engeland. Wij zijn hier niet over ingelicht. Als slachtoffers zijn we volledig gepasseerd.’

Volgens verdragen kan Engeland S. van Nederland overnemen. Hij zal dan in Engeland in de gevangenis belanden. Punt is dat in Nederland levenslang echt levenslang is en in Engeland niet. Er is dus een mogelijkheid dat S. in Engeland vroeg of laat wordt vrijgelaten. Koen: ‘In Nederland is voor levenslang gekozen omdat de kans dat S. eenmaal op vrije voeten in herhaling zal vallen, zeer groot is. Ook dat staat in het vonnis van de rechtbank.’

Het gaat om een voorgenomen besluit van de minister van Justitie. Het OM heeft geadviseerd (een vereiste) geen bezwaar te hebben tegen de overdracht aan Engeland. In januari is bij het hof in Arnhem een zitting (achter gesloten deuren) over deze zaak. Toen Koen en Annemarie hiernaar informeerden, kregen ze eerst te horen dat er geen zitting zou zijn en later dat het niet de bedoeling was dat dit bekend zou worden.

Annemarie Meesters: ‘We zijn gewoon keihard voorgelogen. Je bent zo machteloos.’
Broer Koen: ‘Wat wij ons ook afvragen is: waarom? Wie heeft de uitlevering van S. in gang gezet? Ik neem niet aan dat de minister dit zelf heeft bedacht. En waarom heeft het OM geen bezwaar?’

Ze hebben inmiddels een verzoek ingediend bij het Hof in Arnhem om toch bij die zitting over de uitlevering aanwezig te mogen zijn. Ook is een gesprek aangevraagd met het Openbaar Ministerie. Deze week zijn Koen en Annemarie Meesters naar Engeland geweest om een journalist te bezoeken die veel over de handel en wandel van Robert D. weet en heeft gepubliceerd. ‘We willen de zaken goed op een rij hebben.’

Welke kant het opgaat, weten ze niet. Annemarie: ‘Onze vader is vermoord, wij worden voorgelogen. De opdrachtgever is bekend, maar wordt met rust gelaten. En nu willen ze de levenslange gevangenisstraf die S. heeft gekregen ook nog afnemen. Hoe geloofwaardig is ons rechtssysteem dan eigenlijk nog?’

het bovenstaande artikel in krantenvorm

 

 

 

 

 

 

 

 

→ meer over deze zaak: The Thing in Groningen [pdf]
→ beelden (van de politie) van de aanhouding van Robert D. in Spanje

update – 7 januari 2015 – kamervragen

Schermafbeelding 2016-01-07 om 12.06.28

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vragen van het lid Van Nispen (SP) aan de minister van Veiligheid en Justitie over het overdragen van een levenslang veroordeelde aan Engeland

1. Wat is uw reactie op de berichten dat u een in Nederland tot levenslang veroordeelde Engelsman wil overdragen aan Engeland? 1)2)

2. Wat zijn de redenen geweest om over te gaan tot overdracht? Kunt u toelichten wat er precies is gebeurd?

3. Klopt het dat de procedure voor de overdracht op uw initiatief is gestart? Zo nee, op wiens initiatief dan wel? Zo ja, waarom bent u hiertoe overgegaan?

4. Wat is de inhoud van de afspraken die zijn gemaakt met Engeland over de betreffende overdracht? Indien deze nog niet duidelijk zijn, wat is de inzet van zowel Nederland als Engeland? Hoe zal worden voorkomen dat deze man, die als zeer gevaarlijk is beoordeeld, eerder vrijkomt en opnieuw een gevaar zal zijn voor de samenleving?

5. Wat betekent de overbrenging van deze man voor de duur van zijn detentie in Engeland als daar niets over afgesproken wordt?

6. Waarom zijn er onjuiste mededelingen gedaan aan de nabestaanden van het slachtoffer over de zitting en zijn zij bovendien niet op de hoogte gebracht van de voorgenomen overbrenging? Wat is hier het beleid op?

7. Welke maatregelen neemt u om er voor te zorgen dat er zorgvuldig en respectvol zal worden omgegaan met nabestaanden, ook in dit soort gevallen?

 

update – 8 januari 2016 – nog meer vragen
Ook de Tweede Kamerfractie van het CDA wil opheldering, zo heeft het kamerlid Madeleine van Toorenburg laten weten.  Ook zij stelt vragen naar aanleiding van de berichtgeving in Dagblad van het Noorden.

Vragen van het lid Van Toorenburg (CDA) aan de minister van Veiligheid en Justitie over uitlevering van een levenslange gedetineerde in Nederland naar Engeland.

1.
Kunt u aangeven wat de aanleiding is geweest voor u om een procedure te starten om de levenslang veroordeelde Daniel S. over te plaatsen naar Engeland? 1) Kunt u voorts aangeven waarom het OM hier geen bezwaar tegen heeft gemaakt? Wat is de stand van zaken in de procedure nu?

2.
Kunt u aangeven of het ooit eerder is voorgekomen dat een in Nederland levenslang veroordeelde is uitgeleverd aan het buitenland? Wat was (per casus) de reden daartoe? Kunt u (per casus) aangeven of de situatie zich heeft voorgedaan dat de betrokkene vervolgens in het betreffende land is vrijgekomen in plaats van zijn levenslange straf te hebben uitgezeten?

3.
Kunt u aangeven wat er gebeurt met de levenslange veroordeling van Daniel S. wanneer hij definitief wordt overgeplaatst naar Engeland?

4.
Bestaat er een kans dat Daniel S in Engeland (eerder) vrijkomt in plaats van dat hij zijn levenslange straf uitzit? Kunt u de relevante wet- en regelgeving in Engeland beschrijven?

5.
Deelt u de mening dat een levenslang opgelegde straf in Nederland ook écht levenslang dient te worden uitgezeten, uitgezonderd de situatie dat gratie wordt toegepast krachtens de daartoe gestelde wettelijke mogelijkheden en dat indien tot overleving wordt overgegaan, deze levenslange straf gecontinueerd dient te worden?

6.
Begrijpt u de bezwaren van de nabestaanden van dhr. Meesters tegen de overleving van Daniel S. naar Engeland gelet op diens schokkende gepleegde delict waarvoor hij onherroepelijk is veroordeeld? 2) Op welke wijze kunnen zij en/of andere instanties nog bezwaar maken tegen de overlevering van S.?

7.
Heeft u überhaupt rekening gehouden met de nabestaanden in de beslissing om deze procedure tot overlevering te starten? Klopt het dat zij hier niet vooraf over zijn ingelicht? Waarom niet?

8.
Wat is de reden dat het OM niet om uitlevering heeft gevraagd van Robert D., de persoon die in december 2015 is aangehouden en door het OM wordt gezien als opdrachtgever van de moord op dhr. Meesters?
Wat is de reden dat het OM ook niet in 2008 verzocht heeft om uitlevering toen deze gelegenheid zich voordeed bij een arrestatie van Robert. D. in Dubai?

 

update – 1 februari 2016
De minister van veiligheid en justitie heeft geantwoord.

de antwoorden op de vragen van sp
de antwoorden op de vragen van het cda

 

.